Fotograferen met een spiegelreflex: instellingen

In mijn vorige artikel ben ik wat dieper ingegaan op de voordelen van het fotograferen met een spiegelreflex. Wie voor de eerste keer een spiegelreflex in zijn of haar handen heeft, kan behoorlijk overdonderd worden door alle verschillende knopjes en instellingen. Met een spiegelreflexcamera kun je namelijk als je dat wil volledig de controle nemen over bijvoorbeeld de iso, het diafragma, en de sluitertijd. Eigenlijk is een spiegelreflex ook niet echt bedoeld om altijd vanuit de automatische stand te fotograferen. Als je eenmaal weet wat de eerdergenoemde instellingen doen en hoe je deze kunt instellen met je camera, dan zul je zien dat de mogelijkheden tijdens het fotograferen stukken groter worden.
 


Allereerst de sluitertijd. De sluitertijd is de tijd dat de sluiter van de camera openstaat en er licht via de lens op de sensor valt. Des te minder licht er is, des te langer de sluiter open moet staan om een foto te creëren. In een minder goed belichte omgeving kom je dan al snel met het probleem dat de sluitertijd te lang wordt. Op het moment dat de sluiter te lang openstaat, zal de sensor ook beweging vast gaan leggen wat resulteert in onscherpe foto’s. Gelukkig zijn er een paar manieren om de sluitertijd te verlagen zodat je niet direct naar flitsers hoeft te grijpen.
 


Foto gemaakt met een sluitertijd van 1 seconde (m.b.v. een statief)


Een manier om de sluitertijd te verhogen is door het diafragma te vergroten. Het diafragma bevindt zich in de lens en heeft grote invloed op twee zaken, namelijk de sluitertijd en de scherpte-diepte van de foto. Hoe groot het diafragma staat ingesteld wordt op de camera aangegeven met de F waarde. Bijvoorbeeld F2.8 of F8. Hoe verder het diafragma openstaat, des te lager deze waarde is en hoe hoger de sluitertijd is, want de grotere opening van het diafragma zorgt ervoor dat er uiteindelijk meer licht op de sensor valt. Een hogere F-waarde zal dus logischerwijs voor een langere sluitertijd zorgen.

Maar naast de sluitertijd heeft het diafragma ook op een andere manier grote invloed op de foto. Het diafragma bepaalt namelijk ook de scherptediepte van de foto. Scherptediepte betekent in hoeverre de foto scherp blijft voor en na het punt waarop je hebt scherpgesteld. Dus stel, je gaat iemand fotograferen die een mooie vis heeft gevangen. Je stelt scherp op de vis en houdt de F-waarde zo laag mogelijk, dan zul je zien dat de achtergrond van de foto een stuk onscherper wordt dan dat je dezelfde foto met een hogere F waarde had geschoten. Door de achtergrond onscherp te houden is het eerste wat op de foto de aandacht trekt hetgeen wat wél scherp is en dat is de visser met zijn vangst!
 


Dit soort onscherpe achtergronden creër je door het diafragma
wijd open te zetten (dus lage F-waarde)

 

Dan de laatste manier om invloed op de sluitertijd uit te oefenen is het regelen van de iso waarde. Met de iso bepaal je de lichtgevoeligheid van de sensor. Bij de meeste camera´s is de minimale isowaarde 100. Bij deze laagste isowaarde zal de beeldsensor minimale ruis produceren. Ga je de iso verhogen, dan zal er (afhankelijk van de kwaliteit sensor) een bepaalde hoeveelheid ruis ontstaan in de foto. Dit wil je natuurlijk liever niet maar soms ontkom je er niet aan. Met het verhogen van de iso verhoog je namelijk ook de sluitertijd en die sluitertijd moet tijdens het fotograferen dus hoog genoeg zijn om scherpe foto’s te maken zonder bewegingsonscherpte. Soms is het dus kiezen tussen twee kwaden. Verhoog je de iso met als gevolg meer ruis in de foto of neem je de gok met het risico dat je onscherpe foto’s maakt? Voor mij is normaal gesproken de volgorde om eerst aanpassingen te doen aan het diafragma om de sluitertijd te verhogen. Mocht dit nog niet voldoende zijn dan pas zal ik de iso verhogen. 
 


In deze uitsnede is door een hoge iso duidelijk ruis te zien.


Bovenstaande is een vrij ingewikkeld verhaal wat helaas niet veel makkelijker uit te leggen valt. De beste manier om de driehoek sluitertijd, diafragma en iso te begrijpen is door veel foto’s met verschillende instellingen te maken. Maar wanneer je hetgeen begrijpt wat ik hierboven heb uitgelegd, dan zul je zien dat er ineens veel meer mogelijk is en de automatische functie van een fototoestel eigenlijk niks meer is dan een begrenzer. Tijdens een onweersbui de bliksem fotograferen zal namelijk met de automatische functie niet of nauwelijks lukken en zo zijn er nog tal van voorbeelden te geven waarin je met handmatige bediening enorm in het voordeel bent. Heel veel succes!


 

Advertentie
Reacties

Plaats een reactie

U bent momenteel niet ingelogd bij CarpFeeling. Als u een reactie plaatst moet u het opgegeven e-mail adres valideren middels een e-mail die ontvangt. Uw e-mail adres wordt voor de rest niet gebruikt. Het is maar een simpele muisklik, maar zo weten we wel zeker dat er geen misbruik van gemaakt wordt zonder in te boeten aan gebruiksvriendelijkheid. Maar als u zich aanmeldt of registreert dan hoeft dit niet en is uw reactie direct zichtbaar, nog net wat makkelijker dus.