Verboden verlangens

Na een klein uurtje rijden rolt de auto de berm in. Heel zachtjes doe ik de deur van de auto dicht. Aaahh, waarom doe ik dat? Dit ziet er alleen maar verdacht uit want de auto staat nog gewoon aan de weg. Een onrustig gevoel in mijn benen en kriebels in mijn buik verraden een gezonde spanning die ik door mijn hele lijf voel gieren. De achterbak gaat open en beiden pakken we een opgetuigde hengel, het schepnet, een matje en camera tasje mee. Ik wil nog een opmerking maken “waar zijn we in godsnaam mee bezig” maar ik slik het snel weer in. Ik ben toch geen mietje?!

Het is rond half 12 op een prachtige zomeravond als we richting het roestige hek staren. Heeft niemand ons gezien? Piepend gaat het hek open en sluipen we van de verlichte weg het donkere bospad in. Echt sluipen is er overigens niet bij want takken en bladeren kraken en knisperen onder onze voeten. Tussen de bomen door lijkt elke schim op het silhouet van een gemene hondenbezitter die ons er gruwelijk bij gaat naaien als hij ons met hengel ziet sluipen. Ik ben dan ook dolblij dat we het eerste deel van de tocht overleefd hebben. Als we eenmaal de sloot over zijn hebben we in ieder geval geen last meer van recreanten, en lopen we in level 2, waar enkel nog de boze boswachter met zijn woeste honden ons van gedachte kan veranderen.


Gelukkig is de sloot niet diep en kunnen we er met onze laarzen gewoon doorheen waden. Level 2 bestaat uit een open veld waarvan het eerste deel een eitje is. De tweede helft ligt echter nogal, tja… in het zicht. Van achter de laatste grote struik schatten we onze kansen in om ongezien over het open veldje te komen. Als het oog van Sauron houdt het licht uit de kamers van het landhuis de omgeving in de gaten. Een sprint van een meter of dertig langs de woonkamer van de boswachter afgemaakt met een judorol de struiken in levert ons een 9 op van jury op. Een zwijn schiet humeurig ‘zijn’ struik uit en zoekt een nieuwe slaapplek voor de nacht. Zwetend van de klamme zomeravond en met een ontzettend droge mond van de spanning zitten we eindelijk op de plek waar het moet gaan gebeuren!

De hengel ligt binnen enkele tellen op zijn plek en ik probeer voor me te zien hoe de top van de hengel krom slaat en de lijn met een gierende slip wegloopt. De weinige vissen die hier nog zwemmen zijn stuk voor stuk monumenten van prehistorische leeftijd en idem uitstraling. Wat zou het toch gaaf zijn als ik een van hen vanavond in mijn handen mag houden. We willen binnen een uur of twee weer weg zijn om de pakkans zo klein mogelijk te houden en de omgeving niet teveel te verstoren. Het is dus nu of nooit...

Het water is spiegelglad, de ganzen kijken ons argwanend aan en elke vorm van activiteit lijkt gepauzeerd. Na een uur staren naar de lijn, hopend op een teken van leven kijk ik opzij richting vismaat. Het zal er wel belachelijk uitzien, 2 volwassen mannen, midden in de nacht, starend naar een hengeltje in het gras. Fluisterend stelt hij voor om het aan de overkant te proberen, “want tja… het gras is daar altijd groener”. Ik kan een glimlach niet onderdrukken en stem in. Het nadeel van de overkant is wel dat onze vluchtroute ongeveer 2 keer zo lang wordt en je eigenlijk niet ongezien meer weg komt als er iemand over het terrein loopt. Maargoed, ik was toch geen mietje?! Dus beiden draaien we onze hengel binnen en beginnen de tocht richting overkant.


Spiegelglad

Alsof we graag gepakt willen worden bouwen we kamp op in een doodlopend paadje tussen de struiken. En waarom vind ik het eigenlijk zo spannend? In het ergste geval worden we gesnapt en ga ik een paar tientjes armer richting huis. Toch knalt de adrenaline door mijn lijf als er twee grote koplampen het terrein opdraaien. Ze blijven even steken voordat ze gedoofd worden en de rust voor heel even weer terug is. Dan knalt plotseling het hek met een luid kabaal open en heb ik even een moment nodig om te bedenken wat we het beste kunnen doen. De hengel binnendraaien en laag blijven is mijn eerste reactie. Mijn partner in crime doet hetzelfde maar lijkt niet van plan weg te gaan. Maar echt tijd voor een uitgebreide discussie hebben we niet, dus ga ik kruipend naar de hoek van de struiken in de hoop iets te kunnen zien van het tafereel dat zich bij het hek afspeelt.


De vluchtroute...

Pikkedonker als het is wordt het dus een gok of we kiezen voor vluchten of verstoppen. Aangezien ik niet het gevoel heb dat er nog vis op de kant gaat komen stel ik optie 1 voor en grijpen we onze spullen bij elkaar. Wat er ook door dat hek kwam, ik was niet van plan het te ontmoeten dus ik heb er flink de pas in. Ik heb sterk het vermoeden dat iemand ons volgt, maar waarom zegt hij dan niets? Zouden we nog niet gezien zijn? Elke schim, brekende takjes, zwijn of gans bezorgt me een hartverzakking en ik ben dan ook dolblij als we de sprint langs het landhuis weer overleefd hebben. Nu het slootje, het bospad en het hek nog en we staan weer veilig bij de auto. Eenmaal daar ram ik de spullen de achterbak in en plof ik neer op de bijrijdersstoel… Dit avontuur eindigt gelukkig met een diepe zucht en wederom de constatering “Wat een belachelijke hobby heb ik toch!”

Advertentie
Reacties

Plaats een reactie

U bent momenteel niet ingelogd bij CarpFeeling. Als u een reactie plaatst moet u het opgegeven e-mail adres valideren middels een e-mail die ontvangt. Uw e-mail adres wordt voor de rest niet gebruikt. Het is maar een simpele muisklik, maar zo weten we wel zeker dat er geen misbruik van gemaakt wordt zonder in te boeten aan gebruiksvriendelijkheid. Maar als u zich aanmeldt of registreert dan hoeft dit niet en is uw reactie direct zichtbaar, nog net wat makkelijker dus.