Zomerkwalen

Het afgelopen zomerse weer is voor velen van ons vissers de ideale tijd om in de vroege ochtend of late avond uurtjes het eens te proberen op onze vriend de karper. Nu de avonden weer lang zijn, het kwik boven de 20 graden steeg, en daarmee ook het leven onder de oppervlakte op gang is gekomen, is het vissen op karper een leuk tijdverdrijf. Steeds meer mensen krijgen deze zomerse maanden het visvirus te pakken en zo wordt het steeds drukker aan de waterkant. Natuurlijk gezellig maar de zomerse maanden hebben ook voor ons vissers nadelen. Waar de buitentemperatuur aangenaam de noemen is, is de watertemperatuur op de velen vijvers en putten dat ook met alle gevolgen van dien. In dit artikel zomerkwalen die deze zomerse maanden velen waterpartijen in hun ban houden. Kwalen die voor zowel de vis als ons zelf behoorlijk kwalijk te noemen zijn en daarmee zelfs dodelijk. Laten we beginnen.


De zomer kan dood en verderf veroorzaken


Botulisme

Botuline is een door de bacterie "Clostridium botulinum" geproduceerde giftige stof, het is één van de sterkst werkende bacteriegiffen (toxinen) die er bestaan. Er zijn van Clostridium botulinum zeven verschillende toxinetypen bekend, die met de letters A t/m G worden aangeduid. Mens en dier bezitten voor de verschillende toxinetypen een uiteenlopende gevoeligheid. Zo is de mens gevoelig voor de toxinetypen A, B, E en F. De toxinetypen C en D zijn vooral verantwoordelijk voor het optreden van botulisme bij dieren. Type A komt in Nederland niet voor, maar wel in bijvoorbeeld de VS, Canada en Rusland. De beide andere voor de mens gevaarlijke typen zijn overal zeldzaam.?De sporen van de bacterie Clostridium botulinum worden in besmette gebieden in bodem en slik gevonden en zijn tevens bij de meeste vogels inactief aanwezig in het maag-darmkanaal. De bacterie levert op zichzelf nog geen gevaar, maar vooral de omstandigheden bepalen of er een optimale situatie ontstaat waarbij de bacterie kan groeien. Door dit groeien worden dan de zeer gevaarlijke toxinen gevormd.

Botulisme

Botulisme is een bacterie die zeer goed gedijt in stilstaand water met een temperatuur boven de 20 graden Celsius. Als de bacterie in Nederland wordt geconstateerd, gaat het meestal om het C-type. Deze is zeer giftig voor watervogels en vissen, maar ongevaarlijk voor de mens. Toch is het af te raden om te zwemmen in besmet water. Vooral in een kadaver kan de botulisme bacterie zich snel vermeerderen. De snelle verspreiding van de bacterie vindt vooral plaats door maden en vliegen die groeien in het kadaver. Deze maden en de vliegen zelf, zijn immuun voor dit type gif maar kunnen worden opgepikt door (water)vogels, bunzingen of vissen. Deze dieren sterven dan door het gif, dat de bacterie in de maden aanmaakt, zodat er een nieuwe gifproducerende haard ontstaat. De incubatietijd (afhankelijk van de opname van het gif) van de botulisme bacterie strekt zich uit van een halve dag tot een week. Trekkende vogels of andere dieren zijn dus in staat het gif over grotere afstanden te verspreiden en daar de besmetting voor te zetten. De voornaamste maatregel om de bacterie tegen te gaan is dan ook het z.s.m ruimen van de dode dieren. Waterbeheerders zoals waterschappen gaan hiervoor op pad. Ook het doorspoelen van het stilstaande water helpt tegen botulisme.

De Botulisme bacterie is een soort ziekte bij dieren, waarbij een specifieke voedselvergiftiging optreedt en waar vooral eenden en andere watervogels door getroffen kunnen worden. Wanneer een dier is vergiftigd met de botulisme bacterie, dan ontstaan bij dieren (afhankelijk van de besmetting) na enkele uren al slik- ademhalingsstoornissen en verlammingsverschijnselen aan de poten, de vleugels en de nek. Voor de meeste watervogels geldt dat zij op den duur door deze verlammingsverschijnselen het hoofd niet meer boven water kunnen houden en dus zullen verdrinken voordat zij daadwerkelijk aan de vergiftiging sterven. Doordat het kadaver van deze dieren in het relatieve warme water blijft drijven hebben maden en vliegen ruimschoots de kans om zich in het kadaver te nestelen. Doordat ook vissen (we gaan hier uit van de karper) ook vliegjes en maden eet, kan zo de botulisme bacterie worden overgebracht op karpers. Een karper zal dan ook binnen korte tijd verlammingsverschijnselen vertonen en uiteindelijk sterven.

Een van de velen

De verspreiding van botulisme kan worden voorkomen, door dode dieren (vogels en vissen) zo snel mogelijk uit het besmette water te halen. Aan te raden is, om dit niet zelf te doen, maar hiervoor de gemeente of het waterschap te bellen. Waarschuw deze instanties altijd als u dode of verlamde dieren ziet. Deze instanties zorgen voor de verwijdering en vernietiging van deze dieren.?Ook wij zelf kunnen maatregelen nemen om verder verspreiding van de botulisme bacterie te voorkomen. Voer bij een besmet water geen watervogels. Voeren trekt altijd veel vogels aan en deze vergroten de kans of verspreiding van botulisme. Vermijd ook het vissen in met botulisme besmette wateren. Mocht je hier toch gaan vissen, spoel dan thuis je onthaakmat, schepnet, weegzak etc. zeer goed uit met water. Wanneer je dit niet doet kan de bacterie bij een volgend water verder groeien..!!?Met name de gemeente speelt de belangrijkste rol bij het voorkomen en bestrijden van botulisme. De gemeente haalt de besmette dieren weg, laat ze onderzoeken, stuurt eventueel zieke dieren naar een vogelasiel en laat dode dieren volgens de richtlijnen van de Destructiewet vernietigen. Wanneer nodig plaatst de gemeente waarschuwingsbordjes met waarschuwingen voor botulisme. Wateren die ieder jaar weer een haard van botulisme zijn, kunnen worden uitgediept, of regelmatig worden doorgespoeld waardoor wordt bereikt dat de watertemperatuur minder snel oploopt en de botulisme bacterie geen kans krijgt.?Veelal heeft de gemeente of het waterschap waarin je woonachtig bent een folder samengesteld over botulisme. Hierin staat alle nuttige informatie en adressen voor het melden van botulisme.


Blauwalg

Blauwalgen (Cyanobacterie) kunnen schoon en helder water veranderen in een troebele, stinkende massa. Doordat er minder licht beschikbaar is, verdwijnen waterplanten en de algensoortensamenstelling wordt gedomineerd door blauwalgen die minder eetbaar zijn voor zoöplankton. Verder kan de algenpopulatie leiden tot zuurstofloosheid, waardoor vissen en andere waterdieren kunnen sterven. Ook voor mensen is de blauwalg schadelijk. De blauwalg produceert bijvoorbeeld microcystines. Het kan maag- en darmklachten veroorzaken, maar ook huidklachten, misselijkheid, buikpijn, diarree, hoofdpijn, geïrriteerde ogen en leverschade. Beter is het dan ook weg te blijven van wateren waar blauwalg wordt geconstateerd.

Blauwalg in zijn pure vorm

Rijkswaterstaat is verantwoordelijk voor de waterkwaliteit. Op plaatsen waar regelmatig blauwalgen voorkomen wordt minimaal elke 14 dagen gemeten. Als de concentraties te hoog zijn, adviseert Rijkswaterstaat de provincie om het publiek te informeren en dus ook vissers.


Zuurstofgebrek

Door een aaneenschakeling van warme en windstille dagen is het mogelijk dat er zuurstofgebrek optreedt op waterpartijen. Dit zuurstofgebrek zorgt ervoor dat in een korte tijd een groot deel van de vispopulatie het loodje kan leggen.  Zuurstofgebrek is vaak een verzameling van factoren. Meestal zijn de plaatsen waar zuurstofgebrek optreedt, plaatsen waar het minder diep is, er sprake is van veel plantengroei (waterplanten en algen gebruiken ook zuurstof) het windstil is/geen stroming of het water wordt gebruikt als afvloeiing van overtollig regen en rioleringswater. Water wat niet in beweging is bevat minder zuurstof dan stromend water. toch is het mogelijk dat ook op stromende kanalen en beken zuurstofgebrek optreedt. Een veelvoorkomend iets zijn zomerstormen waarbij in een keer veel water uit de lucht valt. Door de vaak dorre en droge grond kan het water lastiger weg waardoor sneller rioleringen en afwateringen overstromen en deze op oppervlaktewater instromen. Dit vaak vervuilde en zuurstofloze water zorgt voor grote zuurstof problemen.

Een dode paling op het ijs.. zuurstofgebrek in de winter

Zuurstofgebrek kenmerkt zich door veel happende vis aan de oppervlakte. De vissen zijn sloom en zelfs met het net te vangen. De zwakkere vissoorten als brasem, voorn, baars en snoek zijn vaak het eerste aan de beurt. Paling en karper als laatst. Wanneer je happende vis constateert op water bij je in de buurt, meldt dit dan bij de hengelsportvereniging, de gemeente of het waterschap. Zij kunnen door waterinspuiting, beluchtinginstallaties of overzettingen wellicht een deel van de populatie redden.



(eenden)Kroos en waterpest

In het zomerse warme water gedijen waterplanten enorm goed. In een korte tijd kunnen waterplanten als waterpest en kroos enorme hoeveelheden wateroppervlakte beslaan waardoor vissen erg lastig wordt. Op ondiepe wateren nemen waterplanten in een korte tijd een groot gedeelte van de ruimte over. Doordat waterplanten naast zuurstof aanmaken, ook zuurstof gebruiken, is het mogelijk dat zij deels kunnen zorgen voor zuurstofgebrek. Vooral in stilstaand water kan dit gevaarlijk zijn. Voor ons vissers zijn waterplanten zowel hotspots als bedreigingen. Karper zit natuurlijk graag in de waterplanten. Toch is het aan te raden niet te vissen in visonvriendelijke situaties aangezien een eenmaal gehaakte vis in de waterplanten lastig is te drillen, te landen et cetera. De kans op beschadiging van de vis is hierdoor groter.

Eendenkroos oftewel kroos is een ander verhaal. Deze oppervlakte planten kan 100% van het wateroppervlakte beslaan als het de kans krijgt waardoor vissen uit den boze is. Je kan namelijk niks meer aan het zicht intrekken. Deze groene wateroppervlaktes of ook wel ‘Erwtensoep’ genoemd, zijn nagenoeg niet meer te bevissen en kun je dus laten voor wat ze zijn. Het is wachten dan op het najaar waarneer deze vervelende groene kleine blaadjes weer afsterven.

Pombladen of lelies zijn een beter alternatief daar zij vaak tussen de stengels ruimte bieden voor onze vriend de karper. Lelies kunnen enorm groot en wijdverspreid groeien en bevatten vaak veel natuurlijk voedsel voor onze vriend de karper. Het nadeel van lelies is dat de stengels en bladen vaak ongekend sterk zijn en wanneer we een karper eenmaal haken tussen deze planten, de strijd nog niet is gestreden.


Nawoord

De zomer brengt buiten warmte en vrolijkheid ook nadelen met zich mee. Bacteriën als botulisme, karperziektes en algen gedijen goed in het warme water. de kans op besmetting en uitbreiding van ziektekiemen wordt hiermee vergroot. Ook zorgen warme condities voor een extra aanwas aan waterplanten die zowel voor de karper als visser niet aantrekkelijk zijn. Vissen op plekken met veel waterplanten is zowel frustratie voor de visser als vergroting van de kans op beschadiging van de vis. Ook leveren waterplanten en al het leven in en om het water een vergroting van het natuurlijke aanbod aan voedsel. De karper zal in de zomermaanden sneller neigen naar vertrouwd en natuurlijk voedsel waardoor onze kansen worden gereduceerd.
Andere nadelen van de zomer is de toename van waterrecreatie in allerlei vormen. Van hangjongeren aan het water, tot kanoërs, plezierjachten en zwemmers op je stek. Daarnaast is er nog de groep ‘mooie weer vissers’ die voor vele diehards een doorn in het oog zijn deze maanden.

Kortom, de zomer lijkt voor velen van ons te mooie om waar te zijn. Doch zijn er zat extra nadelen waarom sommige vissers zomers hun vishobby even stilzetten. Zij wachten liever op het ongure najaar waarin zij weer in stilte aan de slag kunnen.

Tim van Zanten


Bronnen: www.rijkswaterstaat.nl  |  www.carp-united.nl

Advertentie
Reacties

Plaats een reactie

U bent momenteel niet ingelogd bij CarpFeeling. Als u een reactie plaatst moet u het opgegeven e-mail adres valideren middels een e-mail die ontvangt. Uw e-mail adres wordt voor de rest niet gebruikt. Het is maar een simpele muisklik, maar zo weten we wel zeker dat er geen misbruik van gemaakt wordt zonder in te boeten aan gebruiksvriendelijkheid. Maar als u zich aanmeldt of registreert dan hoeft dit niet en is uw reactie direct zichtbaar, nog net wat makkelijker dus.