De parel van Twente

In 2010 verhuizen Cynthia en ik naar Deventer. Puur voor mijn werk. Drie jaar van dagelijks op en neer rijden, ´s morgens om half 7 eruit en ´s avonds half 8 thuis, begon zijn tol te eisen. Hier ga ik niet oud mee worden. Als Cynthia dan ook nog een baan in Zwolle krijgt, is de keuze om richting Apeldoorn te verhuizen makkelijk gemaakt. We willen toch een beetje aan de kant van Enschede blijven, want ik moet sowieso elk weekend mijn twee dochters ophalen. Het word dus Deventer.

Op het eerste gezicht word ik erg blij met het zien van al het water in en rondom Deventer. Maar hier kom ik al erg snel op terug. Zoveel  mooie putjes, plassen, vijvers, kanalen en natuurlijk de Ijssel met al zijn uiterwaarden het lijkt allemaal geweldig, maar persoonlijk vind ik dat, na een jaar alles gezien en besproken te hebben met andere vissers, het een waardeloze boel is. Er word niks gedaan aan uitzettingen, plekken voor witvissers, laat staan gehandicapten, water kwaliteit. Ik vind het een trieste bedoening. Ik werk tot 18.00 uur en als ik vrijdag ´s avonds om 19.00 uur wil gaan vissen voor een nacht, zijn de meeste stekken bezet. Dit kan ook niet anders, want er zijn maar een paar stekken en van de rest kun je gewoon vis verantwoordelijk nergens anders terecht. Er staan paaltjes in het water of er liggen enorme bomen in het water. Je kunt het risico gewoon niet nemen om vanuit bepaalde stekken te gaan vissen. Te gevaarlijk voor de vis. Balend druip ik hier dan ook af.

De vallen zijn gezet
De vallen zijn gezet
Foto: Tom Lenters

Via via kom ik een plasje op het spoor ergens buiten Deventer. Als ik er via een hoop binnendoor weggetjes arriveer, waan ik me in een paradijsje. Wat een prachtig stukje natuur hebben we hier. Op een bordje aan het begin van de oprit naar het water, staat de tekst: verboden te vissen. De naam van de vereniging en een telefoon nummer.

Er staat een tentje en ik raak aan de praat met de eigenaar. Hij weet me een hoop te vertellen. Er zwemmen maar een handvol vissen. Het is er flink bikkelen voor een vis, het sterft er van de brasems die je het leven zuur maken soms en de concurrentie zijn mannen die er al jaren komen maar tegelijk ook allemaal erg vriendelijk zijn en je best een eindje op weg willen helpen.

De vereniging is hecht en de vangsten worden gedeeld en gerapporteerd. Er is een pasjes systeem voor degene die willen nachtvissen. Eén lid eruit, één er weer in. Dus een beperkt aantal vissers. Er is een maar... lid worden is geen probleem. Je mag er dan alleen overdag vissen. Als je ’s nachts wil vissen, moet je laten zien dat je er serieus aan de gang wil. Dit betekend een jaar lid blijven, vergaderingen bij wonen en een keer per jaar met zijn allen snoeien en rommel opruimen. Daarna heb je recht op een pas. Niet verkeerd dacht ik en zo ging ik dat jaar aan de slag. Veel observeren en peilen. Met mijn waadpak struinde ik de kantjes af op zoek naar mooie harde plaatjes. De hele plas is omringd met bomen en er ligt dus behoorlijk wat blad slib op de bodem. Toch kon ik er wel wat mooie plekjes vinden. Deze werden aangevoerd en zo ging ik er de eerste ochtend heel vroeg heen om te vissen. Vol goede moed.

Een indrukwekkende schub
Een indrukwekkende schub
Foto: Tom Lenters

Het is er een feestje om er alleen al maar te zijn. De stilte, de rust, een ijsvogel die over het water scheert, de koekoek, koekoekt er op los, een konijn die op zijn dooie gemakje lekker van de klaver zit te smikkelen, een delkim die ineens piep zegt! De top trilt en snel grijp ik het kurk van de hengel. Haal de hengel naar achter met de hand op de molen, en … hmmm, volgens mij is dit een platte… ja hoor. Ach, de eerste vis van deze oase is een feit. Snel vaar ik de voerboot weer uit. De dieptemeter geeft het schone plaatje perfect weer en met een vingerbeweging drop ik de rig met een handvol gebroken boilies en hennep naar de bodem. Ik draai de boot en vaar hem terug. De lijn is inmiddels al naar de bodem gezakt en ik hang de zeer lichte waker weer in de lijn. Die gaat met rukjes omhoog? Huh? Verd,… snel haal ik de hengel weer naar achter en… nee he.. weer zo’n slijmjurk. Om een lang verhaal kort te houden,.. aan het einde van de dag had ik elf brasems, een enorme blankvoorn en 2 zeelten…  ik was er voor gewaarschuwd.

Het wachten kan beginnen
Het wachten kan beginnen
Foto: Tom Lenters

Geen probleem, ik heb heerlijk gevist. Inmiddels werd de leden vergadering aangekondigd en zo zat ik op een vrijdagavond tussen een 30 tal veelal in het groen gestoken mannen met petjes aan een tafel van een cafe. Handen werden geschud en de sfeer was gemoedelijk. Tijdens de vergadering werden er zaken besproken over hoe het afgelopen jaar was geweest. De witvissers groep was er ook van de partij. Ze mopperde over de slechte vangsten. Ze kregen amper witvis gevangen. Haha, ik had nog wel een tip voor ze! De foto’s van de karpervis collega’s kwamen te spraken en zo zag ik voor het eerst ook wat er zoal rond zwom. En dat loog er niet om zeg. Een aantal mooie grote schubkarpers. Een aantal adembenemende spiegels and last but not least… een fantastische perfecte rijen!! Wat een vis!! Kastanje bruin, dik in het vlees, 17 kilo plus en leek wel gevernist.

Dit was dan ook de reden waarom er leden bij zaten die er al jaren visten. Deze vis. Wat een parel, de parel van Twente! Wow dit werd mijn target. Maar het was dus wel duidelijk dat ik niet alleen was. Er waren mannen bij die er al jaren visten en de parel al meerdere keren hadden gevangen. Maar er waren ook mannen bij die er al jaren en jaren visten maar haar nog nooit hadden gevangen. Goed, ik weet dat in de karpervisserij je altijd naar je eigen kunnen moet kijken. Trek je eigen plan, doe je eigen ding. Los zelf die puzzel op ipv achter de meute aan te hobbelen en te kopiëren. Toch gaf me dit geen fijn gevoel. Liever had ik natuurlijk gehoopt te horen dat de rijen er een keer of vijf zes per jaar uit kwam. Dit was niet het geval. Het was meestal maar één keer, vaak ook in het voorjaar en dan ook nog eens vaak door de zelfde visser. Je hoort wel eens gekscherend dat er bepaalde vissen op je naam staan? Nou ik hoopte maar dat ik die visser was.

Wat een parel!
Wat een parel!
Foto: Gerald Maats

De pasfoto werd ingeleverd en na een jaar van trouwe aanwezigheid van vergaderingen en troepruimen, kreeg ik mijn nachtvispas. Plannen werden nu wat serieuzer gesmeed, nu ik langere tijd aan het water kon vertoeven. Na een jaar een aantal keren er overdag te hebben gevist en 40 brasems verder kon ik er nu ook eindelijk een lang weekend vissen.  Er waren nog twee mensen bij gekomen. Jongens nog,  van een jaar of 17 met dure merkspullen. Ze werden vrijdag ’s morgens gedropt door hun ouders. Twee auto’s gingen leeg. Elk twee emmers vol voer…. Ik knoopte een praatje met ze aan. En wat de bedoeling van die twee emmers was? Het was immers nog maart en de water temperatuur was, ondanks dat het al vier dagen tussen de 15 en 20 graden was, nog maar 7 graden. Kortom, ik kreeg ze niet aan het verstand dat het dom was om nu al zo veel te voeren. Toch gingen de emmers leeg en kregen ze het voor elkaar dat de eerste vissen pas in mei werden gevangen.  Ergerlijk. Maar helaas gebeurt dit elk voorjaar weer. Ik hield dus de stand van zaken in de gaten en deed mijn ding elders tot dus de eerste vissen eindelijk gevangen werden. 

Zo werd het eind mei. Er is warm weer voorspeld en ik trek er voor een weekend op uit. De plas ligt er weer mooi bij. Kraak helder, alles fris groen. Vanaf het bruggetje spot ik een groepje baarzen en verderop een zeelt die op de kop in de bodem zit. Het is windstil en ik zie grote groepen brasems in het midden van de plas. Ik klim in een boom zodat ik ze goed kan zien. Ik word er duizelig van. Het zijn er letterlijk honderden! Ik begon grofweg te tellen. In twee groepen telde ik er zo al 250! En dan lagen er verderop, buiten mijn zicht nog twee kleinere groepen. Tjonge. Zoveel had ik er nog nooit gezien! Het is dan ook niet zo gek dat je eerst 15 brasems vangt voordat de eerste karper zich meld. Als die al de kans krijgt om je aasje te pakken, want meestal zijn die krengen hun voor! Ik heb zelfs tweemaal mee gemaakt dat ik een hengel een hele nacht kansloos heb gevist. ’s Avonds één piep. Meer niet. En toen ik deze ’s morgens binnendraaide hing er een dode brasem aan! Gewoon verdronken. Waarschijnlijk zwakkere exemplaren die niet eens de kracht hadden om het lood te verplaatsen. Sommige zagen er ook niet uit. Onder de slijmerige bulten. Maar goed. Dit was dus best een probleem. Ondanks dat ik een fan ben van klein aas, ging ik dan maar met grote boilies vissen. 25 mm knikkers. Maar ook dit was kansloos. Ze bleven er net zolang aan zuigen tot ze zichzelf alsnog haakten. Dit was echt een probleem.

Dit is er één uit de 'A categorie'
Dit is er één uit de 'A categorie'
Foto: Tom Lenters

Een avond in juni, ik zet net de vierde brasem terug, gaat de telefoon. Ik heb mijn shimano 4500 baitrunners op marktplaats gezet en deze knakker heeft wel interesse, maar hij woont niet in de buurt. Als ik samen met hem naar een oplossing zoek, zie ik de lijn van mijn andere hengel ineens uit het water komen en strekt zich samen met een piep uit de delkim. De top gaat krom en de piep gaat over in een run! Snel grijp ik de hengel met één hand en moffel de telefoon in mijn jaszak. De vis hangt en dit is duidelijk karper! Eindelijk! De vis scheert aan de overkant voor een bosje langs en draait dan ergens in t midden. Ik denk de situatie onder controle te hebben en haal de telefoon uit mijn zak en praat weer verder met de man die interesse in de molens heeft. Een grote fout bleek achteraf want de vis neemt een schot naar mijn eigen kant en ik kan hem niet goed corrigeren. Hij zwemt naar links en verdwijnt zo onder een struik aan eigen kant. Ik zeg tegen die man dat ik hem later wel terug bel. Ik voel de lijn schuren en de vis zit er duidelijk nog aan. Snel trek ik mijn kleren uit en spring naast de struik in het water. Brrrrr ik klap er gelijk tot aan mijn tepels in en het is niet warm! Ik steek de hengel zo diep als ik kan onder water maar ik voel dan al niks meer en vrees het ergste. Ja hoor… ik kan mezelf wel voor de kop slaan. Ik trek de rig uit een tak. De haak is uitgebogen en de eerste vis van het water verspeel ik weer traditioneel. Wat dom wat dom. Ik kan wel janken. De rest van de nacht word het weer brasems onthaken en doe weer geen oog dicht. Een chagarijnig weekend werd het, dat snap je wel he?

In juli ben ik er weer eens voor een weekend. Het is weer bloedheet en eigenlijk geen weer om te vissen. Toch krijg ik midden op de dag een beet. Dit resulteert in de eerste karper van dit water. Het is een uitzet spiegeltje. Maar wat ben ik er blij mee. Een foto en ze mag weer zwemmen. De hengel gaat weer naar dezelfde stek en na een kwartier krijg ik zowaar wéér een run! Dit is het betere werk want de vis blijft goed diep. Ik spring met blote voeten en een korte broek  in het water dat een half metertje dieper ligt. Zo kan ik een eindje het water in waden met het schepnet naast me. Links naast me hangt er ook weer zo’n struik in het water en ik wil niet dat het me weer gebeurt dat de vis er in zwemt. De dril gaat rustig en ik krijg hem voor het eerst te zien. Het is een schub. Enigszins iets teleurgesteld, maar toch ook weer heel blij, dirigeer ik de vis in mijn net. Het is wederom niet één van de top vijf vissen, maar een mooie vis dik in de twintig pond. Als ik net op de kant wil klimmen komen mijn jongste dochter en Cynthia aangelopen. Over timing gesproken! Dit word dan ook een leuke foto met Estelle. 

Een leuke foto met Estelle
Een leuke foto met Estelle
Foto: Tom Lenters

Ondertussen is de zomervakantie voorbij en gaan we weer volle bak aan t werk. Één keer in de twee weekenden kan ik een nachtje doen, maar ik heb een andere vijver ontdekt die ook op de zelfde vergunning staat en die geef ik ook wat aandacht. Ik weet daar op een avondje twee mooie vissen te strikken en blank dan drie avonden achter elkaar. Wat kan het soms raar lopen, niet waar?

In oktober probeer ik maar weer eens een zondagje op t water van de parel. Dit keer op t kleinere gedeelte van t water. Dat word gescheiden door een gammel smal houten bruggetje. Vanaf een steigertje vaar ik de boot naar een klein langzaam aflopend taluudje aan de linkerkant, de andere rig drop  ik helemaal aan de andere kant rechts onder een rij bomen. Ik wandel naar de overkant over t bruggetje en strooi een paar handen gebroken boilies links en rechts van mijn rig. Less is more. Oh nee, less is minder… brasems. Terug op de stek zet ik de perculator op t vuur voor een lekker bakkie arabica. Ik zit hier toch wel erg aangenaam. Na een drukke werkweek is er toch niks fijner om zonder gezeik aan je kop heerlijk op je stoel midden in de natuur te relaxen. Het ijsvogeltje scheert weer over het water en in de verte hoor ik de koekoek. Dan ineens uit het niets, een keiharde aanbeet! Iets heeft mijn aasje van het taluud gevonden en joekeld er nu als een malle vandoor. Wat een knaller van een run! Rustig pak ik de hengel op en probeer de vis kalm af te remmen. Dit lukt maar matig want deze vis is er één van het betere soort. Hij blijft erg diep en ik moet geduld hebben want deze vis laat zich niet zomaar van de bodem trekken. Easy does it. na een kwartier komt de vis van de bodem en slaat een best raam. Poeh, dit zou wel eens een vis uit de top 5 kunnen zijn. Ik sta met knikkende knietjes op t steigertje en ben zeer geconcentreerd. Deze mag ik niet verspelen! Na nog eens een kwartier word de vis moe en komt ze eindelijk mijn kant op. Het net gaat te water, nog een klein stukje en ,.. yess hij zit er in!! Ik til het net uit het water en dan weet ik het ook zeker. Dit is er één uit de A categorie. 

Prachtig!!
Prachtig!!
Foto: Gerald Maats

Na deze vis gooi ik alles op alles en ga aan een najaars offensief beginnen. Elke dag rij ik 20 minuten heen, en 20 minuten terug. De ene dag om te voeren de andere dag om te vissen. Aansluitend dan ook nog één of twee nachten in het weekend. De laatste twee weken van oktober. Elke avond. Op een plek waar vrijwel nooit gevist word in t kleinere gedeelte. Waar t aan lag, ik weet het niet. Ik ving enkel een paar brasems en een enkele zeelt. Waarschijnlijk lagen de vissen toch aan de andere kant in het diepere gedeelte. Ik zal het nooit weten. Toen in het jaar erop in het voorjaar de rijen weer door de zelfde visser werd gevangen als t jaar ervoor, zonk me de moed in de schoenen. De visserij begon me tegen te staan. Ik ben geen target visser. En als ik alles uit de kast heb gehaald dat tot niks heeft geleid, en een ander die tot dan toe pas drie keer is wezen vissen vier vissen in een nacht vangt, gooi ik de handdoek in de ring. Het plezier is weg, het is meer moeten geworden als lekker ontspannen gaan vissen en de frustratie, het zou juist ontspanning moeten zijn. Maar dat is het niet meer.  Ik geef mijn nachtpasje op zodat een ander aan de beurt komt om te nachtvissen. Ik heb wel weer een nieuwe uitdaging. 

Gelukkig mag ik jullie de parel van twente tonen door één van de gelukkigen die haar wel ving, samen met nog een aantal zeer fraaie vissen. Gerald Maats, bedankt nog voor je bijdrage kerel.

Advertentie
Reacties

Plaats een reactie

U bent momenteel niet ingelogd bij CarpFeeling. Als u een reactie plaatst moet u het opgegeven e-mail adres valideren middels een e-mail die ontvangt. Uw e-mail adres wordt voor de rest niet gebruikt. Het is maar een simpele muisklik, maar zo weten we wel zeker dat er geen misbruik van gemaakt wordt zonder in te boeten aan gebruiksvriendelijkheid. Maar als u zich aanmeldt of registreert dan hoeft dit niet en is uw reactie direct zichtbaar, nog net wat makkelijker dus.