Schuimkoppen en rampspoed (deel 2)

Douw trekt langzaam over het water en geeft het putje iets mystieks. Afgelopen nacht heeft de temperatuur ondanks de tijd van het jaar tegen het nulpunt aangehangen en zit bij het krieken van de dag maar amper tegen de 5 graden aan. Deze temperatuur en de vele lossers van de afgelopen weken geven mij frisse tegenzin, maar niet geschoten is bij voorbaat nooit raak.

Ik besluit alleen stekken aan te voeren die door de zon op zullen warmen in de korte tijd dat ik ze bevis. De vier stekken krijgen elk twee kleine handjes hennep, en enkele losse korrels maïs. Ik verwacht weinig vis op de stekken gezien de lage temperatuur van de afgelopen twee nachten en wil dus niks forceren.

De eerste zonnestralen doordringen het bos als de stek haar eerste aasbelletje prijsgeeft. Ik zit achterover in het gras en geniet met volle teugen van de rust. Onder het genot van een kop koffie volg ik het bellen spoor wat zich heeft ontpopt op mijn stek. De ene bel na de andere doorbreekt het plafond, en af en toe komt er een losgeslagen pluk wier boven drijven. Een ding is zeker, de vis is los!


Het wier wordt er niet minder op

Toch gaat de pen nog niet te water. Het wilde azen zal hooguit resulteren in lijnzwemmers en vals gehaakte vissen. Iets waar ik door de recente gebeurtenissen de neus meer dan vol van heb. Het wachten valt zwaar, eigenlijk te zwaar en na een kwartier laat ik het stuk staal voorzien van een korrel maïs iets buiten de voerstek zakken. Gespannen wacht ik af. Een kleine tik op de pen, dan een cm omhoog, weer een tik, en nog een, een wegloper, aanslaan, vast? Wel nu godv…. Wacht? De pluk wier voor mij komt tot leven en zwemt wonderbaarlijk van mij vandaan. Ergens in het groen zit een karper die vecht voor wat hij waard is.

De kilos wier en de sterke vis geven mijn twee pond hengel flink op zijn donder, en ik voel de hengel merkbaar in het kurk meebuigen. Langzaam pomp ik de zwemmende pluk wier dichter naar mij toe. En na een minuut of 10 weet ik het net onder het wier te krijgen. In het wier verscholen ligt een fraaie schub waarvan de staart iets geknikt is, absoluut niet moeders mooiste maar wel het benodigde lichtpuntje in mijn visserij op het inmiddels dicht gegroeide putje. De kleine aanpassingen aan mijn montage lijken te werken, al wil ik nog niet te vroeg juichen.

Een week later, mijn inmiddels hoogzwangere vriendin voelt zich nog prima, en ik besluit nog snel 2 uurtjes te pakken. Ik voer dezelfde stekken aan als de voorgaande sessie. De hennep heeft een weekje in de emmer gestaan. Een dikke schuimrand siert de rand van de emmer en het spul heeft een lucht die alleen karpers, zeelt, en gevederd gespuis weet te waarderen. Ik neem de lucht maar voor wat het is, en accepteer de stinkende drab, ondanks mijn hele auto er naar stinkt.


Ook de zeelten lusten de stinkende drab

Na gevoerd te hebben laat ik de pen voorzichtig zakken, deze blijft echter platliggen. Ik vermoed dat de loodhagel op een pluk wier ligt en voorzichtig haal ik de lijn op. Ik voel weerstand en ben er van overtuigd vast te zitten in het wier. Tot mijn verbazing komt de pikzwarte rug van een van de toppers boven water en ik zie dat deze mooi in de onderlip gehaakt zit. De vis heeft nu pas het besef dat hij gehaakt is en sprint er als een gek van door. De slip staat veel te los afgesteld en ik krijg de vis niet meer afgestopt, in een fractie van een seconde zwemt de schub zich vast in het wier. Ik besluit de druk van de lijn af te halen in de hoop dat de vis zichzelf los zwemt. Een minuut of vijf later zie ik de lijn weer strak lopen en voer onmiddellijk de druk weer op. Aan de dobber hangen enkele kilos groen en weet dat als deze naar de haak zakt dat het over en uit is. De dril duurt een minuut of tien als het noodlot toe slaat en het zaakje afzakt naar de haak met een losser als gevolg. Een moment van verstandsverbijstering volgt. Hoe kan ik zo stom zijn om na het onthaken van de eerste vis de slip niet vaster te draaien. Deze heb ik volledig aan mijzelf te danken.


Veel mooier vang je ze niet

In het volgende uur vang ik nog een uitzonderlijk mooi spiegeltje van een cm of veertig waar ik als visser die de weegklok heeft afgezworen en niet mee doet aan de hedendaagse kg slachterij dol blij mee ben. Veel mooier vang je ze niet. Toch voelt dit als een te kleine pleister op een te grote wond. Het verspelen van de grote zwarte schub blijft rondspoken in mijn hoofd. Ik verberg me achter het feit dat tegenslagen nu eenmaal "part of the game" zijn en dat door deze tegenslagen het succes zo mooi is.
 
Het moment van schrijven is mijn vriendin inmiddels bevallen van een gezonde zoon. De weinige vistijd die ik maar tot mijn beschikking heb heeft plaats gemaakt voor quallity time met mijn kersverse gezin. En het valt zwaar tijd vrij te maken om te vissen. Toch weet ik ondanks de drukte nog een tweetal sessies van 2 uurtjes in te plannen.

Tijdens de eerste sessie spatten de hormonen van het water af. Waar je ook kijkt zie je vissen achter elkaar aan zwemmen en tegen elkaar op schuren. Ondanks de paai perikelen weet ik op de 2 uur tijd 4 vissen te vangen en er 1 te verspelen.

Ik vang hoofdzakelijk kleine vissen. Toch heb ik het idee dat ik het spelletje langzamerhand naar mijn hand krijg gezet. Het aantal lossers is fors terug gelopen, en ik weet in het korte tijdsbestek steeds meer beten af te dwingen door scherper te vissen.


Een van de betere spiegels komt boven water

De tweede sessie weet ik een van de betere spiegels van het poeltje te vangen. Een klein succesje van mijn kant. Toch blijft de grote schub in mijn achterhoofd rondspoken. Ik zal de donkere schub van het poeltje dit jaar nog vangen. Na de eerste drukke periode van het vaderschap zal ik terug keren. Zelden ben ik zo gebrand om één vis te vangen en zal ook all registers open gooien. Target visserij is absoluut niet mijn ding is, toch wil ik mijn revanche. Hoe dubbel dit ook mogen klinken.


Hier moet het in de zomer gaan gebeuren

Tijdens de zomer zal ik enkel nachten aan de grensmaas slijten en laat ik het poeltje even voor wat het is. Maar vanaf september zal ik terugkeren, in de hoop de toplaag te kunnen vangen.
 
“It’s all about the game, the way you play it. It’s all about control and how you can take it!”  (Lemmy Kilmister)
 

Advertentie
Reacties

Plaats een reactie

U bent momenteel niet ingelogd bij CarpFeeling. Als u een reactie plaatst moet u het opgegeven e-mail adres valideren middels een e-mail die ontvangt. Uw e-mail adres wordt voor de rest niet gebruikt. Het is maar een simpele muisklik, maar zo weten we wel zeker dat er geen misbruik van gemaakt wordt zonder in te boeten aan gebruiksvriendelijkheid. Maar als u zich aanmeldt of registreert dan hoeft dit niet en is uw reactie direct zichtbaar, nog net wat makkelijker dus.