Een karpervissers burn-out

Karpervissers Burn-out

Het vaderschap bevalt me wel weer. Mijn oudste 2 dochters zijn nu 19 en 21, de derde is alweer 2 en met nog een vierde op komst (oktober) krijg ik het nog drukker dan ik al ben. Door de corona crisis is het op mijn werk ook drukker als ooit te voren, en dat heeft dan ook zijn consequenties. Kortom: van vissen komt de laatste tijd, jaren eigenlijk, niet zo veel meer terecht. Mijn vrouw heeft een nieuwe baan met daarbij een zware opleiding en zodoende kan ik vaak niet in het weekend weg. Mede daardoor kelderde mijn motivatie om te gaan, meer en meer. Nog nooit heb ik mij zo gevoeld. Het voelt als depressief maar dan alleen om te gaan vissen. Een karpervissers burn-out zal ik het maar noemen. Enkel een social, zodat ik wel móet gaan, brengt mij nog naar de waterkant.

 

Advertentie:

  



De eerste keer op pad

De eerste keer vissen dit jaar was pas begin mei. Er was een mogelijkheid, dus ik liep ’s morgens naar mijn auto om de bank plat te gooien zodat de spullen erin passen. Zodra ik de auto open doe en de kinderstoel zie, gooi ik de deur weer dicht en loop zo weer terug. Ik heb daar gewoon geen zin in. Terug op de bank vraagt Cyn wat er is. Ik zeg ik heb geen zin meer. Hoezo niet? Die kinderstoel, lastig .. “EN NOU SCHIET JE OP TOM!!” Ohw, ok. Zucht.

Na een uur zit ik dan toch aan de waterkant. De vijver waar ik vorig jaar nog best succesvol was, geeft mij ook niet bepaald een boost. De kale stekken zijn door de vereniging allemaal met lint afgezet, zodat er nog maar heel weinig plek over is. Men heeft er gras ingezaaid. Als iemand mij daar een logische verklaring voor kan geven, let me know. Zodoende kom ik ergens in een hoek terecht die ik niet geheel zie zitten, maar we maken er maar het beste van.

Op de hoek van een kom komt een bruin/gele karper tot aan zijn staart uit het water. De eerste stek is bepaald. De tweede gooi ik rechts onder het kantje dat er carpy uit ziet. Een handje freebees er omheen en ik zit te vissen. Aan de overkant zitten twee broers. De kleine broer vangt een mooie karper en de high fives vliegen door de lucht. En dat was voor zo ver die dag ook echt het meest positieve, want ik ga met de eerste blank van het jaar maar weer naar huis.

Social met Frank

Sessie twee is een social met Frank. Zie zijn verslag en daar zul je lezen dat ik wel een paar prachtige foto’s heb geschoten, maar niet van mijn gevangen vissen helaas. En nu zit ik hier, aan een groot recreatiegebied. Een week visvakantie waar ik al weken naar uit kijk. Eigenlijk zou ik terug gaan naar de vijver waar ik vorig jaar ben geëindigd zonder 1 van de 2 toppers te kunnen strikken. Maar aangezien de ingezaaide stekken nog lang geen grasmat hebben, mag er niemand zitten. Zodoende zijn er maar een aantal stekken over. Als ik er een week zou gaan zitten is het nu juist op een ingezaaid stuk, dus ik besluit om naar een grillige plas, van 30 hectare te gaan.

Burn-out; Wat een gave stek

Met maar een klein bestand aan karper en een koud begin van mei is het wel een gok. Als ik goed gok maak ik kans op een paar bizar grote vissen. Via een bevriende karpervisser, en wat tips van Hans van Cipro waar ik weer (teveel) boilies heb gehaald haha, strijk ik neer op een centraal punt van de plas. De stek is fabuleus. Geen hond die me lastig valt, letterlijk en figuurlijk, helemaal afgezonderd dus. Midden in een eikenbos. Met vóór mij een plateau en links in de verte het strand ga ik hier mijn visvakantie uitzitten. Althans, dat is de bedoeling.

Na twee dagen het plateau te hebben aangevoerd, en er daarna een dag een rig op hebben gehad, kom ik tot de conclusie dat de vis alles behalve los is. De eerste avonden zit ik uren te turen, maar er is totaal geen leven op het water. Geen kring, geen plons niks. Waar oh waar hangen jullie uit? De tip om van het centrale deel naar het strand te vissen, is nu waardeloos. Zaterdag en zondag zitten er al 2 man op het strand en maandag verschijnt er een tent aan de overkant. De visser vaart met een bootje richting het riet aan mijn kant, zodat ik weer niet naar het strand kan.

Verkassen met een raptor onthaakmat
Vaak ben je te bang

Op naar het strandje!

Ik besluit om, zodra hij inpakt, ook gelijk te vertrekken. Zo gezegd, zo gedaan. Maandagavond vaar ik naar het strand want de visser is weg. Maatje Gerald vangt mij op en samen brengen we de zooi naar de ligweide waar ik de rest van de week zal verblijven. We stappen beiden in de XXL onthaakmat van Raptor om stekken te zoeken. Aan de rechter zijde strooien we 25 mm Scopex boilies voor het riet. Het water is kraakhelder, zodat ik ze goed kan zien liggen.

Ondertussen heb ik ook contact met Frank en hij komt dinsdag een nachtje mee vissen. Daarna zoeken we de rand van het hoge wier dat voor het strand langs staat. We vinden met behulp van de kijkemmer een mooi open stuk kale bodem tussen het bodemwier waar ik een halve kilo rode Monstercrab boilies neergooi. Ook deze zijn goed waarneembaar. Gerald neemt afscheid, en ik zit met een tevreden gevoel op mijn nieuwe stek.

Dinsdagochtend, en nog altijd visloos, staar ik over het water. Wat opvalt is dat er stukken meer leven in de brouwerij is nu. Her en der zie ik een plons en een schouderende karper. En als Frank er ’s middags is, wordt dat bevestigt. Met de drone, tellen we zo een tiental karpers die in groepjes zwemmen. Dat is een goed gevoel voor de nacht en ochtend die komen gaat. Volgens Gerald is dan vaak de aasperiode. Ik heb mijn rigs nog op de aangevoerde stekken liggen. En aangezien er niks geks is gebeurd, laat ik ze mooi liggen.

Met de drone worden de karpers gevonden
Gevonden!

De eerste vis

Frank gaat secuur en aan de hand van zijn drone beelden op zoek naar stekken tussen het hoge wier en het bodemwier. Als hij tevreden is, drinken we er een paar en praten we zo de nacht in. Hij zit een eind verderop en ik zeg hem, als hij beet heeft, mij maar moet roepen. Ik slaap meestal toch met 1 oog open.

06.00 uur. Heel in de verte hoor ik… “Tom!” Ik denk dat ik droom, maar ga toch even kijken. Frank staat met de arm in de lucht en in zijn andere hand houdt hij zijn landingsnet vast. Wat mij in nog geen vier dagen is gelukt, krijgt hij wel voor elkaar. Er valt wat voor te zeggen natuurlijk, want na 3 dagen warm weer, beginnen ze eindelijk los te komen, maar toch. Saillant detail, ik zie dat de boilies die ik maandag voor het riet heb gestrooid er vrijdags nog steeds liggen! Ik bedoel maar. We maken een paar schitterende foto’s van Frank en de vis en laten de duidelijk volle dame weer snel zwemmen.

Frank met een recente vangst op een Ronnie rig
Heel in de verte hoor ik… “Tom!

Nadat de vis retour is gezet, slingert Frank de drone weer de lucht in. De vissen liggen nu massaal naar links. Dus als Frank mij heeft opgepept en gemotiveerd om vooral mee te gaan die kant op, lopen we allebei met 2 hengels die kant op. De vissen laten zich massaal zien. Het zijn er nu ook twee keer zo veel als gisteren. Vooral veel meer kleinere vissen zien we. Maar wat we ook proberen. Chods, zigrig, en zelfs floater pellets, niks lijkt de karpers aan het azen te krijgen.

Vertrouwen moet groeien

Frank haalt nog 1 mogelijkheid aan, de ouderwetse broodkorst. Als ze die niet willen, weet ik het ook niet meer zegt ie. Met een grote witte floater en een breadbomb elastiek van Nash, slingert hij de korst richting horizon. Er is veel interesse voor, en de korst wordt zelfs een paar keer daadwerkelijk in de bek genomen maar ook direct weer uitgespuugd. Linkmiegels zijn het!

Als Frank weer naar huis is, weet ik wat mij te doen staat. De rigs worden omgetoverd. Twee krijgen een chod en één een snowman zodat het spul mooi bovenop het bodemwier blijft liggen, veel korter in de kant. De foto’s die Frank mij doorstuurt, worden goed bestudeerd zodat ik mijn rigs heel precies vanaf de kant kan inwerpen. De nacht gaat voorbij en de ochtend breekt aan. 5.45 u app ik Frank dat ik er een hard hoofd in heb, want de tijd van zijn aanbeet is al verstreken. Later zie ik dat ik niet zo scherp was, omdat ik de 5 en 6 door elkaar zag blijkbaar. Er is dus nog tijd. Maar hoe graag ik ook wilde dat er een aanbeet zou komen, het gebeurt niet. Wat een domper.

Burn-out: een karper op de chod

Overdag probeer ik nog wel wat, maar het haalt niks uit. Donderdag komt er een weersomslag. Als het dan niet gaat gebeuren lukt niks meer. Donderdagmorgen kijk ik op de klok. 6 uur. Verd… weer niet? Gloeiende. Ik laat alles liggen en draai me nog maar eens om. Tot 7.45 u ik nog in diepe coma lig, de Delkim het uit gilt. Yessss, hehe. Na bijna een week mijn eerste aanbeet, man man. De chod is door een woeste schub gegrepen en na een taai gevecht trek ik hem in het uitgestoken landingsnet. Poh, eindelijk. Ik maak welgeteld één foto en laat de vis na goedkeuring direct weer zwemmen. Het opkomende zonnetje geeft de foto een extra vleugje van geluk mee.

Karpervissers burn-out: Een woeste schub is de eerste vis van het jaar
Deze woeste schub is de eerste vis van het jaar

Op naar de volgende

Ze zijn er nog en vooral een stuk verderop, dus het hele zwikje word weer opgepakt en naar links verkast. Maar alleen 6 halve brasem aanbeten waren voor de donderdag nog te vermelden helaas. Ook de vrijdagochtend verloopt rustig, net als ik er een hard hoofd in krijg, loopt de bodemrig met de monstercrab snowman ineens out of the blue af! Een sprintje naar de stuiterende Rod Hutchison hengel gaat gepaard met een natte broek, maar het deert me niet, ik heb er eindelijk weer een vis aan! Even twijfel ik om in de boot te stappen omdat de vis zich heeft vastgezwommen in het wier, maar omdat het nog oud en zwak is, komt de vis al weer los. Na een paar uithalen kan ik haar netten. Lekker zeg, en het is nog best een leuke ook!

Karpervissers burn-out: Het is nog best een leuke ook!
Het is nog best een leuke ook!

Over de zaterdagochtend kan ik kort zijn. Het is een stuk kouder als de dagen ervoor en blijkbaar heeft dit invloed op de vissen. Als ik over de stekken vaar, zie ik geen één karper. Wel een aantal zeelten en monster brasems. Ik heb het meeste vrijdag al ingepakt want over een paar uurtjes komt Cynthia mij ophalen. Ik hoop hier nog wel een paar keer terug te komen. Ondanks dat het best een taai water is, is het zeer de moeite waard om nog eens te gaan, al was het alleen al voor de rust.

 

Advertentie:

 



Een reactie op “Een karpervissers burn-out

  1. Peter Wolf zegt:

    Ach ja Tom,ik zit in hetzelfde schuitje als jij.Grote kroost (4 kids 22,17,15 en 13j) wat heel wat van je vrije tijd opeist en daar naast een nachtjob en invalide vrouw.Ik moet je niet zeggen hoeveel mijn quality time bedraagt om eens te kunnen gaan vissen.Best er niet te veel over dubben en blij zijn met de schaarse momenten als het wel lukt.Komt er nog bij dat de karperwaters in mij buurt weinig te vinden zijn.Ach ja,nog een paar jaartjes en ben in pensioen.Dan is er hopelijk mij meer tijd gegund aan het zilte nat.😉

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *